| Wetenschappelijke naam | Aptenodytes patagonicus |
|---|---|
| Klasse | Vogels |
| Orde | Pinguïns |
| Familie | Pinguïns |
| Leefgebied | Subantarctische eilanden |
| Dieet | Visetend |
| Gewicht | 9 - 18 kg |
| Lengte | 85 - 95 cm |
| Levensduur | 15 - 20 jaar |
| Beschermingsstatus | Niet bedreigd (IUCN) |
De koningspinguïn is de op één na grootste pinguïnsoort, met een opvallende oranje-gele vlek op de kop en borst.
Koningspinguïns broeden op subantarctische eilanden, zoals South Georgia en de Falklandeilanden.
Ze eten voornamelijk kleine vis en inktvis, die ze tijdens duiken tot wel 300 meter diep vangen.
Koningspinguïns broeden niet in een vast seizoen en dragen het ei op hun poten onder een broedplooi.
Klimaatverandering en verschuivende visbestanden vormen op termijn een risico voor de soort.